Tattooed Man – coveren als kunst een eerbetoon

There's a man lying down in a grave somewhere
With the same tattoos as me
And I love him, I love him, I love him, I love him, I love him

There's a man lying down in a bed somewhere
With a different set of sex aspects
And I hate him, I hate him, I hate him, I hate him, I love…

In de eerste, in de xe9chte versie hoor je de vervormde stem van John Balance. De vervreemding is totaal. Het is een eenvoudige, harmonieuze melodie, maar de acid, de industrial benadering van crexebren van geluiden, die is er ook. Dixe9 dubbelheid maakte de band Coil zo bijzonder, zo literair, zo gelaagd.

De CD waarop dit nummer staat, x91The ape of Naplesx92, kwam uit in 2005, een jaar nxe1 de dood van John Balance. Hij had een heftig alcoholprobleem en viel in beschonken toestand uit zijn zolder naar beneden, 42 jaar oud. Peter Christopherson was het andere lid van het duo Coil. Balance was de zanger, liedjesschrijver, Christopherson was de producer.

De tweede versie staat op een CD, die door een erg selectief gezelschap is gemaakt als een x91tribute tox92 Coil. De Franse producer en platenlabel-eigenaar Stxe9phane Gregoire kwam, als groot fan van Coil, op het idee om met andere muzikanten uit zijn eigen stal een aantal Coil-nummers te coveren. Ze hebben er vijf jaar over gedaan en brachten onder de naam x91This Immortal Coilx92 eind 2009 de CD x91The Dark Age of Lovex92 uit, genoemd naar een song van Coil, die op deze CD natuurlijk ook gecoverd wordt. Deze versie van x91Tattooed Manx92 is helemaal ontdaan van de specifieke Coil-dimensie, maar stijgt x91bare nakedx92 met dameszang en minimalistische piano tot grote hoogte.
Het idee van Gregoire was gexebnt op de platen van 4AD-baas Ivo Watts-Russell, eind jaren tachtig: hij zocht ook vanuit zijn eigen label-stal zijn toppers bij elkaar om de mooiste songs door zijn ideale vertolkers bij elkaar te produceren. Dat leverde prachtige platen op onder de bandnaam 'This Mortal Coil'.

Coil was ontstaan uit de new wave-intelligentsia van Throbbing Gristle en Psychic TV. Kent bijna niemand (meer), maar voor insiders staan deze bands voor een genesis van muzikale experimenteerdrift. En het x91niet begrepenx92-zijn, tja, dat was nou juist het mooie!
Spreekt vanzelf, dat de echte Coil-fan niet direct stond te juichen: het coveren van deze songs is toch een soort heiligschennis. Maar hoewel ik zelf maar weinig vernomen heb van de CD, waren alle recensies lovend; zelfs die van echte die hard-Coil-fans. Moet overigens natuurlijk wel weer gezegd worden, dat de Nederlandstalige recensies bijna allemaal van de Vlaamse underground poppers kwamen. In dit landje komen we helaas nog niet zoveel verder dan Anouk en Kane; maar goed, daar moeten we maar niet al te veel over blijven zeuren. Fait accompli.

Gregoire heeft Yann Tiersen, voor de piano, voor de marimba, de jongens van het Antwerpse DAAU (Die Anarchistische Abend Unterhaltung) voor strijkers en cello, de Engelse sombermanzanger Matt Elliott en de Franse zangeressen Christine Ott en Yael Naim bij elkaar gebracht. En, niet te vergeten: Bonnie Prince Billy voor een heel speciale versie van Ostia, wat ik altijd het allermooiste lied van Coil vond.

Tattooed man in de nieuwe versie is een verstilde juweel. Er is geen scherpte meer aan: het nummer is helemaal rond geworden. De zang zoekt niet meer een nieuw ontdekte pijn bij de luisteraar, zoals Balance dat normaal was te doen; de zang van Yael Naim is hemels. Het is alleen maar kwetsbaarheid, breekbaarheid in deze uitvoering. En eenvoud. En de uitbeelding van wind in een vrouwenstem, wervelend op de achtergrond.
En dan kruipen de woorden naar binnen met teveel betekenis. Betekenis die eigenlijk weer verdwijnt wanneer je deze zo x91bluntx92 leest, zoals ze hierboven staat. Zo kan een songtekst een gedicht zijn met een dimensie, die niet-gezongen poxebzie nooit behalen kan. Want hoe moet ik dit gedicht x91lezenx92 voor de laatste anderhalve minuut van Yann Tiersen op de piano? Dat is hxe9xe9l dichtbij een kaars komen, net zo dicht dat je je ogen nxe9t niet verbrandt en dan wachten tot het kaarsvet opraakt en, heel langzaam, de kaars dooft. En dan is het stil en donker.
Dan rest alleen maar een zucht. Een traan. En even later schrik, want dan is er weer licht en is de droom voorbij.

Ook Peter Christopherson is inmiddels overleden. Eind 2010 werd hij domweg niet meer wakker. Hij had begin dat jaar wel laten weten, dat hij de vertolkingen op x91The Dark Age of Lovex92 prachtig vond.

Station Baarn

Baarn-kunstenaars "Op dit station (1874) zijn vele kunstenaars gearriveerd en vertrokken. Letterkundigen Louis Couperus, Augusta de Wit, Frederik van Eeden, Jacqueline van der Waals, Lodelijk van Deijssel, Maria Dernout, Herman Gorter, P.C.Boutens en Albert Verweij.
Beeldend kunstenaars Vincent van Gogh, Jan Veth, H.P. Berlage en M.C. Escher.
Zij konden het van van Gogh nazeggen: 'Baarn, wat is het daar mooi!'"

Dat kun je lezen op een plakkaatje op het station van Baarn. Ik kwam daar vorige week op een verschrikkelijk druilerige dag voor een werkbezoek. Viel mij op, dat er zo'n groot, mooi en statig NS-station staat in een relatief klein dorp. Na het bezoek had ik enige tijd om het station wat nader te beschouwen en las toen ook deze tekst.
Baarn-station 
In de stationshal zag ik boven een afgesloten toegangsdeur staan "Koninklijke Wachtkamer" en in dezelfde hal aan de wand een kleine permanente expositie over de geschiedenis. Baarn-wachtkamer En dat is wel bijzonder!
Bij de aanleg van de treinlijn tussen Amsterdam en Amersfoort heeft het Koninklijk Huis bedongen (en er flink aan meebetaald!), dat er een mooi station in Baarn zou komen: Paleis Soestdijk is hier immers heel dichtbij! Het Koninklijk Huis heeft veelvuldig van dit station gebruik gemaakt. Nog steeds is er trouwens een aparte lijndienst tussen Baarn en Utrecht ook.

Baarn was txf3t 1874, toen het station werd gebouwd, een klein en agrarisch dorp. Maar door dit station kreeg Baarn ineens een enorme 'boost'. In het laatste kwart van de 19e eeuw verrees hier villa na villa! Veel rijken vanuit Amsterdam trokken hier naartoe om te wonen of om de zomers/weekends/vakanties door te brengen. Voor het werkvolk was het nog steeds niet te doen: een 3e klas treinkaartje kostte voor deze mensen nog steeds een vermogen.
Baarn-plakkaat Baarn is dus door de spoorwegen en door dit station geworden tot het welvarende villadorp, dat het nu nog steeds is. Een mooi tegelplateau op de wand van het station aan de perronkant geeft dit mooi weer: "Aangeboden door de VVV Baarns Bloei, namens de inwoners van Baarn" bij de gelegenheid van de instandstelling van de electrische trein in 1946.

Tall or small

Koffie tall

Op het station in Leiden nam ik een kop koffie bij de Starbucks. 'k Heb me laten vertellen, dat er weldra ook een Starbucks in Groningen komt! Welja, nxf3g een koffietappunt erbij!

Wat voor maat wilt u meneer? U kunt kiezen tussen groot (tall), groter (grande) en grootst (venti)! Jawel, 'tall' is de kleinste maat. En waarom ze er verschillende talen voor moeten gebruiken?! Nou ja!?
Toch jokken ze er niet mee hoor, want die kleinste maat is nog steeds een heel flinke bak koffie!
Maat van de zotte is het natuurlijk wxe9l!

It all ends – Deadly Hallows, deel 2

Deadly hallows 2

De laatste Potter-film, gisteren gezien in MustSee in Groningen. Het lijkt erop, dat MustSee eindelijk een beetje aan slaat. Maar dat kan natuurlijk ook door Potter komen. In ieder geval: aardige gevulde bioscoop. De dozen met popcorn groeien maar en je begint er al aan te wennen: megabioscopen ruiken naar popcorn. Staat mij overigens niet echt tegen. Ik wil daar wel aan meedoen. Maar nu toch maar niet: acht uur-film; het eten was nog maar nauwelijks gezakt.
Andere naasten waren zelfs al naar de nachtelijke premixe8re geweest, paar dagen eerder. En waren helemaal laaiend. Zxf3 laaiend, dat ze de film inmiddels al 2 keer gezien hebben.
Hmm, daar gaat mij niet lukken. Hoeft ook niet.

Dit laatse deel van de Harry Potter-reeks is voor veel mensen een 'afscheid van een era'. Begrijpelijk. Mijn oudste dochter is er helemaal mee opgegroeid; heeft alle delen al tig keer gelezen. Ik had xe9igenlijk wel graag deel 1 van deze laatste combi van Deadly Hallows (xe9xe9n boek-deel in twee film-delen) wel eerst weer even gezien; moest toch vaak even nadenken: hoe zat het ook alweer?

Maar het belangrijkste is niet echt het verhaal. En het belangrijkste zit xf3xf3k niet in de feiten, achtergronden, motieven etc. rondom de confrontaties met Voldemort (prachtig verbeeld door Ralph Fiennes). Nee, het belangrijkste, dat is de hele visualisering. Er is een heel groot verschil tussen de eerste film en de laatste: enerzijds de techniek. De laatste films zijn al weer op zxf3veel meer mogelijkheden gebaseerd; alles ziet er nog weer een stuk levensechter uit. En anderzijds: de jongens en meisjes zijn groot geworden. Zxf3 groot dat het niet eens raar lijkt, wanneer je in een eiploog (die ik volstrekt overbodig vond!; een 'circle of life'-pathos xe1 la Disneyfilms) ziet dat Harry en zijn vrienden alweer de vaders en moeders zijn van kinderen die voor het eerst naar Zweinstein gaan.

Het kasteel is geweldig, de grote draak in het begin van de film is hxe9xe9l echt; de houten brug naar het kasteel ziet er betoverend uit (daar wil ik naartoe!). Er is natuurlijk ook weer heel veel geld en aandacht gaan zitten in alle gevechtshandelingen: grote reuzen en zo. In dat perspectief komt het weer wat knullig over wanneer Voldemort en Harry elkaar bestoken met een straal botsend vuur dat uit een 'magic wand' komt. Armpje drukken kan dan net zo spannend zijn, eigenlijk. Ik word daar dan weer wat lacherig van.
Ik matig mij aan, dat ik verbeelding genoeg heb. In ieder geval genoeg om dichtbij de spanning van het verhaal te blijven. Maar ik blijf toch ook altijd het knagen horen van gedachten xe0 la: ja, zo kan ik ook van alles bij elkaar verzinnen, want…. alles mag en alles kan: hoe onlogisch ook, het overtuigt vanzelf, doordat in het concept van deze vertellingen domweg alles mag en alles kan. Aan de ene kant het grote verdriet en onrecht en slechtheid, aan de andere kant is er altijd de mogelijkheid om alles in xe9xe9n toverspreuk weer om te draaien. Dat gaat ten koste van de diepte van ''het probleem": hoe verlies je een pot monopoly, wanneer je uiteindelijk altijd weer wat briefjes van 5000 kunt toveren?
Dat dit op sommige momenten en met betrekking tot sommige gebeurtenissen (kennelijk) niet kan, wordt ook door iedereen domweg geaccepteerd. De gekste dingen kunnen, maar met een spreuk een tot ruxefne gemaakt kasteel weer opbouwen, dat kan dan weer niet.

Dat Rowling toch wel xe9rg slimme verhaalconstructies heeft gebouwd komt voor mij het mooist tot uitdrukking in hoe ze duizenden pagina's slechtigheid over heren als Sneep (Alan Rickman krijgt net nog net zoveel last van typecasting als Daniel Radcliffe!) kan schrijven, waarna hij op het einde (en dat bleek ook al eerder geloof) eigenlijk helemaal niet slecht was. En dat het txf3ch ook overtuigt. Da's wel heel knap.
Na tien jaar Potter-films is het nu voorbij. De heren Radcliffe en Grint en dame Watson kunnen eindelijk aan een eigen leven beginnen. Ik gun het ze van harte.
Dat dit laatste deel een 8.7 krijgt op IMDB en ook van alle recensenten hele positieve kritieken, vind ik toch wel bijzonder. Voor mij had een 7 ook volstaan.

Ik ben niet bang

Ik ben niet bang

Ik ben helemaal verslingerd geraakt aan Niccolo Ammaniti! Nu heb ik ook ‘Ik ben niet bang’ gelezen; een roman van hem van alweer 10 jaar geleden. Dit was eigenlijk zijn eerste succesroman; heeft in Nederland ook veel herdrukken gehad.
Het is een compact boek: maar iets meer dan 200 pagina’s. En vooral doordat het nogal een spannend boek is, ren je al gauw naar het einde toe. Ik heb het boek ook echt als een jongensboek gelezen; een spannend verhaal, waarin je je gemakkelijk gaat inleven in deze jongen van 9 jaar.

Michele woont in een gehucht van 5 huizen. In elk van deze huizen een gezin met xe9xe9n of meer kinderen, die altijd samen zijn. Een groepje met een duidelijke hixebrarchie en nogal naargeestige eigen tradities. De baas van het groepje, “De Doodskop” genaamd, heeft er lol in als een dictatortje te regeren over het groepje. Michele is in die groep nogal een sul. Hij staat bij zijn vader en moeder te boek als ‘onmogelijk’, terwijl hij alleen maar op onbeholpen manier voor zichzelf op komt. Op school hetzelfde laken een pak, waarvan een mooi voorbeeld beschreven wordt: hij zou zijn vriendje even laten zien, dat termopeen glas echt onbreekbaar is, door er met een stok hard tegenaan te slaan. Het glas breekt dus, en Michele is weer het haasje. Dat soort dingen is wel typisch Ammaniti.

Michele ontdekt een gegijzelde jongen in een hol bij een onbewoonbare boerderij, ver weg in het graanveld. Daarna zit hij met een groot geheim. Hij komt er geleidelijk achter, dat alle volwassenen van het gehucht achter de ontvoering zitten, vooral natuurlijk dus ook…. zijn eigen vader. Daarna is hij in een continu gevecht met zijn geweten verwikkeld.
Uiteindelijk is hij degene die de jongen, met wie hij ook een band ontwikkeld heeft, moet zien te redden van de dood. De laatste dertitg bladzijden gaan in een zinderende vaart naar de ontknoping toe. En deze ontknoping is dan eigenlijk weer txe9 snel, te kortaf, te weinig reflectie…
Of….. vergis ik me nu deerlijk: dat ik het als jongensboek lees en niet als literaire roman! Dat is een mooie instinker! :-)

Los van alles heb ik wederom genoten van Ammaniti. En ik ben er nog niet: er is nog meer te lezen van hem! Mooi!! (Recensie in NRC)
Het boek is trouwens ook al verfilmd. Vast en zeker niet in Nederland in de bios geweest. Hier is de trailer.

Pingo’s en ander zondagmiddagwater

Buurvrouw had een leuke tip: een fietstocht in de Fryske Norlike Walden. De Wouden is een streek in noordoost Friesland met prachtig kleinschalig coulissenlandschap. In de brochure van buurvrouw las ik (naar mijn herinnering, maar dat zegt niet zoveel) voor het eerst over pingo's. Pingo's zijn heuvels; wij hebben alleen maar pingo-ruxefnes. Dat zijn kleine, min of meer ronde meertjes, die het residu zijn van een smeltproces van ijs in de laatste ijstijd, zo rond 11 duizend jaar geleden. IJs ontdooide ondergronds, stuwde de aarde op en dat leverde de pingo op. Die aarde donderde hier weer van z'n eigen heuvel af en het gevolg: een meertje met een omwalling van aarde er omheen. Het Uddelermeer in de Veluwe is de grootste pingo-ruxefne in Nederland, maar juist in de Friese Wouden zijn er heel veel.

Apart hoor: zo heb je nog nooit van een pingo gehoord en zo fiets je door het land, nogal in de buurt van je woonplaats en is het pingo-voor en pingo-na. Op alle bordjes staan ze, in de toeristische brochures staan ze..

We propten de fietsen in de Xantia en reden naar Buitenpost. Vriendin reed, ik las alles uit de Friese Wouden-brochure voor. In Buitenpost fietsen uit de auto en eerst richting Veenklooster. In een dichtgegroeid jong bos troffen we de eerste pingo. (Ik bedoel natuurlijk pingo-ruxefne1 ;-) Daar was een meneer in een net pak, nogal geforceerd bezig met zijn grote hond aan de lijn, maar die hond was lekker aan het zwemmen in het water. Dat ging dus niet goed. Uiteindelijk kwam die hond uit het water en deed meneer txe9 veel zijn best om niet nat te worden, gleed uit en lag met zijn knie in het natte gras met spetterende hond bij zich. Hij zat nog lang te knoeien om zijn pak te fatsoeneren. Wij redeneerden, dat-ie waarschijnlijk rechtstreeks uit de kerk zijn hond moest uitlaten.

Vogelzangh state De Vogelzangh State in Veenklooster was hartstikke dicht, incusief de twee theeschenkerijen. Is altijd zo op zondag, zo lazen we. Vreemd: da's toch juist de dag voor fietspartijen.
Maar verderop, vlakbij Twijzelerheide kwamen we bij uitspanning Jinkepaad, aan het Jinkepaadje dus. Het wemelde daar trouwens van de pingo's. Kijk maar eens op deze uitsnede uit Google Earth.
Jinkepaad

Theeschenkerij Jinkepaad (linksonder op die luchtfoto) is een kleine idylle. Prachtig terrasje in een klein bos. Er zijn ook een paar trekkershutten en ze hadden net een pipo-wagen op de kop getikt. Die wordt ook opgeknapt voor trekkers. Heerlijke zelfgemaakte perentaart! Ja, dat is een perfecte halteplaats voor een fietstocht.

Pingo Het hing erom in het noorden van het land, die middag. Wel warm en zwoel, maar er kwamen ook donkere wolken over en soms regende het ook. We reden verder langs het pad van de Njoggen Alde Mantsjes (negen oude mannetjes: vroeger de negen knotwilgen, die de trekkers door het donkere veld vertelden, dat ze op de goede weg waren tussen Drogeham en Buitenpost – ze zijn opnieuw geplant) en bezochten tot slot in Buitenpost de Kruidhof, de botanische tuin.
Daar barstte een flinke bui los en zo zaten we toch plots in een kantine-achtig restaurantje dat voornamelijk naar friteur rook. Dan moet je nog oppassen dat je geen katerig gevoel krijgt. Fruitberceau Gelukkig hield het weer op en zo sneupten we nog een uurtje door de kruiden-, fruit- en buitenplantentuinen. Ik deed me te goed aan zoveel bieslook, dat mijn vriendin me tot thuis in de stad bleef ruiken. Vooral de Chinese bieslook, dik en knapperig, was erg lekker. Een laan van fruit: een berceau van bomen die een tunnel maken! De bomen zijn allemaal weer van een andere peer- of appelsoort. Prachtig!

Terug in Groningen (na dus ook nog even naar de paddestoelen van Burum te hebben gekeken; zie vorig bericht) brak het echt los en heeft 't uren geplenst.

It greate ear

Burum1 Wie van Groningen naar Leeuwarden rijdt over, wat wij noemen 'de oude weg', de Friesestraatweg, langs de dorpen Aduard, Zuidhorn, Grijpskerk richting Buitenpost, zie net voorbij de Friese grens aan de rechterkant op een paar kilometer de grote oren in de wei staan: hele grote witte vertikale schotels staan daar als megapaddestoelen naar de verte te turen. Niet naar xe9xe9n plek in de verte, maar allemaal weer anders gericht. Na zo'n 30 jaar er zo nu en dank vanuit de verte naar te hebben gekeken, zijn we gisteren voor 't eerst eens de afslag Burum ingeschoten.

Van dichtbij zijn ze ook imposant, maar dan is het jammergenoeg wel ineens een afgeschermde compound, alles achter hoge hekken en een flinke beveiliging ervoor. Onbewust had ik gedacht er tussendoor te kunnen wandelen en zo. Dat gaat dus niet.
De grootste torenen 32 meter de lucht in. Het ziet er indrukwekkend uit maar vanaf de Friesestraatweg nog een tikkie surrealistischer dan van dichtbij, met die hekken en zo.

Burum2

De firma heet Stratos en is, zo lees ik online, een dochter van een Canadese onderneming. In 2007 is er een open dag geweest, daarover kun je alles nog lezen in een verhaal op een particuliere vakantieweblog. Het zijn dus communicatieschotels; ze communiceren via satellieten. In Friesland staan de schotel bekend als 'Het Grote Oor': it greate ear.

Wij kwamen terug van een fietstochtje in Friesland. Er kwam onweer aan. Een uurtje later plensde het. Maar bij Burum stak deze onweerslucht nog mooi af tegen de laatste stralen van de zon.

De dag van de garnaal

Op Lauwersoog gisteren: de dag van de garnaal. Een mega-braderie (zo stond x92t op de borden); een visfestijn dat jaarlijks wordt georganiseerd. Het dreigde te verregenen, dit jaar. Ik was er nooit, tot dusver. Ken Lauwersoog van vertrek naar Schier en zo nu en dan een stille herfstige zondagmiddag om een visje te eten.

Vandaag planten te koop Mannen in oranje hesjes wijzen de automobilisten naar de juiste plek om te parkeren. Nog niet heel druk. Daarna wandelen langs wat bootjes op trailers. Blij dat dat mijn hobby niet is, want gottegottegot wat zijn die bootjes duur! Wat kraampjes met stoere zeilkleding en meer zeilverwante zaken. En daar wandelden we de visafslag binnen en stond een groot shantykoor te zingen. De vislucht kwam tegemoet; veel mannen al met plastic bekers met bier vroeg op de zaterdagmiddag.

Zeeduivel En toen kwamen alle kraampjes met de fijnste vishapjes! Hmmx85 Niet verkeerd! Een vissoepje, een gerechtje met gambax92s, een x91vishamburgertjex92 en lieftallige visdames met toastjes met hxe9xe9l veel garnaaltjes! Potdorie, dat was snoepen!
Garnalen pellen Achter een kraampje zat een koppeltje dames geroutineerd garnalen te pellen. Dat was voor de sier hoor; de garnalen gaan tegenwoordig met vrachtwagens tegelijk naar Marokko om daar te worden gepeld!
Op een grote berg van ijs lag de vis uitgestald, met de naambordjes erbij. Leerzaam, want van de meest vis zou ik xe9cht niet de match tussen naam en vorm kunnen bepalen. Ja, wel van de kleine haaien die er ook lagen. En een rog en een zalm lukt ook wel. Maar de tilapia ken ik toch meer van de filet. Mag ik me natuurlijk niet op voor staan.

Toen we anderhalf uur later weer vertrokken, was er met de auto bijna geen doorkomen meer aan. De zon brak erdoor en de meute kwam los. Blij dat we lekker vroeg waren geweest.

De kaart en het gebied

De kaart en het gebiedBehaagzieke lezers kunnen deze roman beter laten liggen. Ik ben niet perse zo'n behaagzieke lezer, maar ik moet wel bekennen, dat deze roman mij zwaar valt. De weerbarstigheid tegen datgene wat Houllebecq mij als lezer wil vertellen wint vooralsnog van de bevrediging. Maar ja, dat is waar het bij dit soort boeken over gaat en zeker voor Houllebecq: als de lezer wordt geraakt, op wat voor manier dan ook, dan is een belangrijk doel bereikt.
De roman wordt in de recensies beschreven als een positievere, minder cynische roman dan zijn vorige. En als zijn beste sinds Elementaire deeltjes, het enige andere boek dat ik van hem ken. Vind ik een beetje goedkoop, want dat positievere zit 'm volgens mij alleen in het feit dat hij Frankrijk beschrijft als een land dat de crises (jawel, er volgen er na 2008 nog veel meer!) goed heeft weten te weerstaan. Afgezien daarvan geldt hooguit, dat hij met enige acceptatie over de algehele lelijkheid spreekt, wat een vorm van semi-goedkeuring zou kunnen inhouden. Flauwekul lijkt me; daar wordt het alleen maar erger van.
En wellicht zit 't 'm ook in de 'tongue in cheek'-benadering die je kunt voelen, wanneer hij zichzelf laat opdraven in zijn eigen roman. Dat is wel een leuke vondst. De vondst om de roman wel in de huidige tijd te laten spelen, doch aan het eind richting toekomst door te trekken, hetgeen een mooie evaluatief (hoe ging het verder) perspectief brengt, ken ik ook nog van Elementaire deeltjes. Houllebecq bevestigt het misantrope beeld over zijn persoon dat in de afgelopen 15 jaar is ontstaan. Heel slim, want daar kun je weer twee kanten mee op: bevestigt hij daarmee, dat hij deze rare kerel is? Of speelt hij het spel van beeldvorming gewoon leuk mee?
Met de gruwelijke moord op zichzelf heb ik helemaal niks. Wat heeft hij dxe1xe1rmee nou willen vertellen?, vraag ik mij af. En de enorme aandacht voor de politie-agenten die een tijd vergeefs bezig zijn met de oplossing van die moord: een onbergrijpelijk stuk van het verhaal, maar tegelijkertijd misschien wel een aangenaam rustpunt, want deze politie-agent is (eindelijk!!) een aimabel mens.

In ieder geval: getver, wat een nare man is het toch, die Houllebecq. En ook de hoofdpersoon in het boek, Jed Martin, die een relatie met Houllebecq zoetk in verband met een kunstproject, vertoont veel van de trekken van Houllebecq, al is het allemaal een stukje 'zachter'.
Ik zie geen afgerond geheel in het boek en besef dat dat aan mij ligt. Waarschijnlijk ligt daarin juist weer besloten hoezeer het boek maar tot de helft van de diepte tot me doordringt. (Niet intellectueel genoeg! ;-) . En als je daar blijft 'hangen', dan is er veel frustrerends; dan blijf je je ergeren. Vooral toch aan de 'koude' manier van schrijven. De stripachtige wijze, waarop hij soms kinderachtig lang zich in een beschrijving verliest, of dat nou van de origine van bepaalde insecten, de wijze waarop iemand kookt, de achtergrond van een hondenras, de techniek van z'n nieuwe Audi of van een type camera of wat dan ook is: ik vind het maar half pathetisch gewauwel. En ik ben ook dermate primitief, dat het mij ergert dat ik de doorontwikkeling verwacht van personages en relaties, terwijl ze soms gewoon zomaar foetsie zijn; een betekenis hebben gehad in een eerdere fase en later komen ze niet meer ter sprake.

Goed, het gaat om de reis en niet om de bestemming. Vanuit dat oogpunt geldt ook: ik vergeet dit boek niet snel. Het grijpt diep zoals ook valse noten zich in je kunnen nestelen. Literatuur moet natuurlijk ook geen plezier-lezen hoeven zijn. Maar Houllebecq, hmm, niet fijn hoor. Zijn cynisme heb ik er liever niet xe1l te veel bij mijn eigen overleving.

 

Wees de verandering…

Wees de verandering (1)
Langs de vijver in het Noorderplantsoen (Groningen), aan de zuidzijde, staat dit op de weg geschilderd; een meter of 20 in de lengte. Ik weet niet hoe lang het er al geschilderd staat en of het te maken heeft met de roze zaterdag, die gisteren de stad kleurde en een enorm vrolijke sfeer in de stad teweegbracht. Maar het is prachtig dat dit er zo staat: een mooie boodschap, een mooie opdracht.
Wees de verandering (2)